mondvol
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een hap of een slok die zo groot is dat ze de mond vult
- een woord dat moeilijk is uit te spreken door de lengte ervan
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| mondvolletje | verkleinwoord, enkelvoud |
| mondvolletjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van mond zn en vol bn
Woordfamilie van mondvol
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| mondenvol | meervoud | mondvol |
| mondvolletje | verkleinwoord | mondvol |
| mondvolletjes | verkleinwoord meervoud | mondvol |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mondvol zijn vastgelegd.