matrozenbroek
zelfstandig naamwoordBetekenis
- broek oorspronkelijk gedragen door matrozen met lange rechte pijpen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| matrozenbroeken | meervoud |
| matrozenbroekje | verkleinwoord, enkelvoud |
| matrozenbroekjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van matroos en broek met het invoegsel -en-
Woordfamilie van matrozenbroek
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| matrozenbroeken | meervoud | matrozenbroek |
| matrozenbroekje | verkleinwoord | matrozenbroek |
| matrozenbroekjes | verkleinwoord meervoud | matrozenbroek |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van matrozenbroek zijn vastgelegd.