majuskel
zelfstandig naamwoord maˈjʏskəlBetekenis
- letter met een rechtopstaande vorm zonder stokken die naar boven of staarten die naar onder uitsteken. Oorspronkelijk een van de schriftsoorten waarin handschriften konden worden geschreven, tegenwoordig vooral gebruikt als hoofdletter aan het begin van namen of zinnen.
- document dat in kapitalen is geschreven
Hoe spreek je majuskel uit?
/maˈjʏskəl/
Majuskel bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| a | maan |
| j | ja |
| ʏ | put |
| s | sok |
| k | kat |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- letter met een rechtopstaande vorm zonder stokken die naar boven of staarten die naar onder uitsteken Oorspronkelijk een van de schriftsoorten waarin handschriften konden worden geschreven, tegenwoordig vooral gebruikt als hoofdletter aan het begin van namen of zinnen.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| majuskels | meervoud |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| majuskels | meervoud |
Herkomst
m: via Frans majuscule of rechtstreeks van Latijn maiuscula, in de betekenis "hoofdletter" aangetroffen vanaf 1860 (zie vindplaats hieronder)
Woordfamilie van majuskel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| majuskels | meervoud | majuskel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van majuskel zijn vastgelegd.