maintenee
zelfstandig naamwoordBetekenis
- vrouw met wie een man in ongehuwde staat (concubinaat) samenleeft
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| maintenees | meervoud |
| mainteneetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| mainteneetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘bijzit’ voor het eerst aangetroffen in 1886
Woordfamilie van maintenee
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| maintenees | meervoud | maintenee |
| mainteneetje | verkleinwoord | maintenee |
| mainteneetjes | verkleinwoord meervoud | maintenee |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van maintenee zijn vastgelegd.