looptijd
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de tijd dat iets duurt (van bijvoorbeeld een lening, een abonnement)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| looptijden | meervoud |
| looptijdje | verkleinwoord, enkelvoud |
| looptijdjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van loop en tijd
Woordfamilie van looptijd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| looptijden | meervoud | looptijd |
| looptijdje | verkleinwoord | looptijd |
| looptijdjes | verkleinwoord meervoud | looptijd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van looptijd zijn vastgelegd.