lijkbaar
zelfstandig naamwoord /ˈlɛːɪkbar/Betekenis
- draagbaar of verrijdbare baar voor een lijk
Hoe spreek je lijkbaar uit?
/ˈlɛikbar/
Lijkbaar bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| ɛi | trein |
| k | kat |
| b | bak |
| a | maan |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| lijkbaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| lijkbaartjes | verkleinwoord, meervoud |
| lijkbaren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van lijk en baar
Woordfamilie van lijkbaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| lijkbaartje | verkleinwoord | lijkbaar |
| lijkbaartjes | verkleinwoord meervoud | lijkbaar |
| lijkbaren | meervoud | lijkbaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lijkbaar zijn vastgelegd.