lening
zelfstandig naamwoord ˈlenɪŋBetekenis
- het lenen van geld
- een bedrag dat geleend wordt
Hoe spreek je lening uit?
/ˈlenɪŋ/
Lening bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| e | veel |
| n | nek |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord
- tijdelijke verschaffing van geld, dat later weer wordt terugbetaald, vaak met vergoeding van rente
- bedrag dat geleend wordt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| leening | |
| leningen | meervoud |
| leninkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| leninkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
naamwoord van handeling lenen ww met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van lening
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| leening | feminine | lening |
| leningen | meervoud | lening |
| leninkje | verkleinwoord | lening |
| leninkjes | verkleinwoord meervoud | lening |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lening zijn vastgelegd.