leenroerigheid
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het leenroerig zijn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| leenroerigheden | meervoud |
Herkomst
afgeleid van leenroerig met het achtervoegsel -heid
Woordfamilie van leenroerigheid
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| leenroerigheden | meervoud | leenroerigheid |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van leenroerigheid zijn vastgelegd.