leenhof
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een gerechtshof dat gespecialiseerd is in het behandelen van zaken een lening betreffende
- het hof of de hoeve van een leenheer, dat in ruil voor (militaire) diensten in leen wordt gegeven aan een leenman
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| leenhofje | verkleinwoord, enkelvoud |
| leenhofjes | verkleinwoord, meervoud |
| leenhoven | meervoud |
Herkomst
samenstelling van lenen ww en hof zn
Woordfamilie van leenhof
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| leenhofje | verkleinwoord | leenhof |
| leenhofjes | verkleinwoord meervoud | leenhof |
| leenhoven | meervoud | leenhof |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van leenhof zijn vastgelegd.