koteraar
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een ijzeren stang om het vuur op te porren
- iemand die kotert (peutert)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| koteraars | meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van koteren met het achtervoegsel -aar
Woordfamilie van koteraar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| koteraars | meervoud | koteraar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van koteraar zijn vastgelegd.