insulinepomp
zelfstandig naamwoordBetekenis
- apparaatje dat insuline in het lichaam brengt bij diabetici zodat injectiespuiten niet meer nodig zijn
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| insulinepompen | meervoud |
| insulinepompje | verkleinwoord, enkelvoud |
| insulinepompjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van insuline en pomp
Woordfamilie van insulinepomp
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| insulinepompen | meervoud | insulinepomp |
| insulinepompje | verkleinwoord | insulinepomp |
| insulinepompjes | verkleinwoord meervoud | insulinepomp |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van insulinepomp zijn vastgelegd.