idool
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een persoon die verheerlijkt wordt.
- persoon of voorwerp dat als een godheid wordt aanbeden.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| idolen | meervoud |
| idooltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| idooltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘afgod(sbeeld)’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1462
Woordfamilie van idool
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| idolen | meervoud | idool |
| idooltje | verkleinwoord | idool |
| idooltjes | verkleinwoord meervoud | idool |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van idool zijn vastgelegd.