Naar de inhoud

huisdeur

de deur aan de voorkant van het huis

huisdeur

zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. de deur aan de voorkant van het huis
  2. voordeur

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
huisdeuren meervoud
huisdeurtje verkleinwoord, enkelvoud
huisdeurtjes verkleinwoord, meervoud

Herkomst

samenstelling van huis en deur

Woordfamilie van huisdeur

Woordvorm Relatie Afgeleid van
huisdeuren meervoud huisdeur
huisdeurtje verkleinwoord huisdeur
huisdeurtjes verkleinwoord meervoud huisdeur

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van huisdeur zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over huisdeur

Wat is de betekenis van huisdeur?
Huisdeur is een zelfstandig naamwoord. De betekenis is: de deur aan de voorkant van het huis. In totaal staan er 2 betekenissen.
Wat is het meervoud van huisdeur?
Van huisdeur geldt: het meervoud is huisdeuren. De volledige verbuiging staat in de tabel op deze pagina.
Wat is het verkleinwoord van huisdeur?
De verkleinvorm van huisdeur is huisdeurtje, altijd met het lidwoord het. Het meervoud daarvan is huisdeurtjes.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord huisdeur is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. H 4
  2. U 4
  3. I 1
  4. S 2
  5. D 2
  6. E 1
  7. U 4
  8. R 2
  9. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

huisdeur levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. H 4
  2. U 2
  3. I 2
  4. S 2
  5. D 2
  6. E 1
  7. U 2
  8. R 2
  9. 17 zonder bonus
  10. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

huisdeur in het kort

huisdeur staat in dit woordenboek als zelfstandig naamwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van huisdeur staan er 3 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort huisdeur bij een woordfamilie van 3 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

huisdeur: de deur aan de voorkant van het huis
Deel huisdeur — standaardnederlands.nl