huifkar
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een wagen met een kap van zeildoek overdekt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| huifkarren | meervoud |
| huifkarretje | verkleinwoord, enkelvoud |
| huifkarretjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van huif en kar
Woordfamilie van huifkar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| huifkarren | meervoud | huifkar |
| huifkarretje | verkleinwoord | huifkar |
| huifkarretjes | verkleinwoord meervoud | huifkar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van huifkar zijn vastgelegd.