handzaag
zelfstandig naamwoordBetekenis
- zaag die met één hand wordt gemanipuleerd
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| handzaagje | verkleinwoord, enkelvoud |
| handzaagjes | verkleinwoord, meervoud |
| handzagen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van hand en zaag
Woordfamilie van handzaag
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| handzaagje | verkleinwoord | handzaag |
| handzaagjes | verkleinwoord meervoud | handzaag |
| handzagen | meervoud | handzaag |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van handzaag zijn vastgelegd.