handtas
zelfstandig naamwoordBetekenis
- tas 1 die men bij zich draagt voor het bergen van allerlei benodigdheden
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- tas [1] die men bij zich draagt voor het bergen van allerlei benodigdheden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| handtasje | verkleinwoord, enkelvoud |
| handtasjes | verkleinwoord, meervoud |
| handtassen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van hand en tas
Woordfamilie van handtas
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| handtasje | verkleinwoord | handtas |
| handtasjes | verkleinwoord meervoud | handtas |
| handtassen | meervoud | handtas |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van handtas zijn vastgelegd.