giro
zelfstandig naamwoord ˈɣiroBetekenis
- betaalsysteem vergelijkbaar met een bank
- aanduiding voor de wielerronde van Italië
- geld- en goederenverkeer
Hoe spreek je giro uit?
/ˈxiro/
Giro bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| i | riet |
| r | rood |
| o | boot |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Klinkt hetzelfde als chiro.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| giro's | meervoud |
| girootje | verkleinwoord, enkelvoud |
| girootjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Italiaans giro 'ronde, rondgang', (financieel) 'geldhandel voor transacties' (via het Duits), in het Nederlands in de betekenis van ‘overschrijving’ aangetroffen vanaf 1734 . Giro dankt zijn huidige Nederlandse (en Duitse) betekenis aan de Venetiaanse betalingsinstituties uit de tweede helft van de 16e eeuw, o.m. Officio del giro delle biave ‘kantoor voor de betaling van het graan’ en, later de Banco del Giro (gesticht in 1619) Italiaans giro is ontwikkeld uit laat-Latijn gyrus, girus, gurus "rondgang, kring(loop)" van Oudgrieks γυρός bn (gurós) "gebogen, rond", γύρος zn (gurós) "kring"
Woordfamilie van giro
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| giro's | meervoud | giro |
| girootje | verkleinwoord | giro |
| girootjes | verkleinwoord meervoud | giro |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van giro zijn vastgelegd.