giropas
zelfstandig naamwoordBetekenis
- in Nederland door de Postbank afgegeven legitimatiebewijs dat in combinatie met een pincode gebruikt kan worden voor elektronisch geldverkeer bij betaal- en geldautomaten
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| giropasje | verkleinwoord, enkelvoud |
| giropasjes | verkleinwoord, meervoud |
| giropassen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van giro en pas
Woordfamilie van giropas
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| giropasje | verkleinwoord | giropas |
| giropasjes | verkleinwoord meervoud | giropas |
| giropassen | meervoud | giropas |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van giropas zijn vastgelegd.