geschil
zelfstandig naamwoordBetekenis
- geweldloos conflict, vaak politiek of diplomatiek met juridische aspecten.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| geschillen | meervoud |
| geschilletje | verkleinwoord, enkelvoud |
| geschilletjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘onenigheid’ voor het eerst aangetroffen in 1200
Woordfamilie van geschil
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geschillen | meervoud | geschil |
| geschilletje | verkleinwoord | geschil |
| geschilletjes | verkleinwoord meervoud | geschil |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van geschil zijn vastgelegd.