generalisering
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een redenering waarbij men van één concreet geval tot een algemenere conclusie komt
- het hebben van een oordeel voordat genoeg feiten bekend zijn, een vooroordeel
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| generaliseringen | meervoud |
| generaliserinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| generaliserinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van generaliseren met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van generalisering
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| generaliseringen | meervoud | generalisering |
| generaliserinkje | verkleinwoord | generalisering |
| generaliserinkjes | verkleinwoord meervoud | generalisering |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van generalisering zijn vastgelegd.