gebarentaal
zelfstandig naamwoordBetekenis
- taal waarin men door gebaren en gezichtsexpressies communiceert
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gebarentaaltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| gebarentaaltjes | verkleinwoord, meervoud |
| gebarentalen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van gebaar en taal met het invoegsel -en-
Woordfamilie van gebarentaal
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gebarentaaltje | verkleinwoord | gebarentaal |
| gebarentaaltjes | verkleinwoord meervoud | gebarentaal |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gebarentaal zijn vastgelegd.