Naar de inhoud

functioneren

~ als een bepaalde functie vervullen

functioneren

werkwoord

Betekenis

  1. ~ als een bepaalde functie vervullen
  2. in staat zijn de gebruikelijke taken te vervullen

Vervoeging van functioneren

functionerenhele werkwoord — functioneerdeverleden tijd enkelvoud — functioneerdenverleden tijd meervoud — gefunctioneerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik functioneer functioneerde
jij functioneert functioneerde
hij, zij, het functioneert functioneerde
wij functioneren functioneerden
jullie functioneren functioneerden
zij functioneren functioneerden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
functioneer gebiedende wijs
functioneerde verleden tijd
functionere aanvoegende wijs
functionerend onvoltooid, deelwoord
gefunctioneerd verleden tijd, deelwoord
gefunctioneerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefunctioneerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gefunctioneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gefunctioneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gefunctioneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gefunctioneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gefunctioneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gefunctioneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gefunctioneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gefunctioneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefunctioneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gefunctioneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefunctioneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gefunctioneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gefunctioneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefunctioneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefunctioneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te functioneren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gefunctioneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen functioneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal functioneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal functioneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal functioneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gefunctioneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefunctioneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gefunctioneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou functioneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou functioneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou functioneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gefunctioneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefunctioneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefunctioneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden functioneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden functioneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden functioneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gefunctioneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gefunctioneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gefunctioneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt functioneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gefunctioneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen functioneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen functioneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen functioneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen functioneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gefunctioneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gefunctioneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gefunctioneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult functioneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gefunctioneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse fonctionner (met het achtervoegsel -eren)

Woordfamilie van functioneren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
functioneer gebiedende wijs functioneren
functioneerde verleden tijd functioneren
functioneerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon functioneren
functioneert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon functioneren
functionere aanvoegende wijs functioneren
gefunctioneerd voltooid deelwoord functioneren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van functioneren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over functioneren

Wat betekent functioneren?
Functioneren is een werkwoord. Het woord betekent: ~ als een bepaalde functie vervullen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je functioneren?
Je vervoegt functioneren als volgt: de tegenwoordige tijd is functioneer, de verleden tijd is functioneerde en het voltooid deelwoord is gefunctioneerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord functioneren is 24 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. U 4
  3. N 1
  4. C 5
  5. T 2
  6. I 1
  7. O 1
  8. N 1
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 24 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

functioneren levert met Wordfeud minimaal 23 en maximaal 99 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. U 2
  3. N 1
  4. C 5
  5. T 2
  6. I 2
  7. O 1
  8. N 1
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 23 zonder bonus
  14. 99 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

functioneren in het kort

functioneren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van functioneren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort functioneren bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

functioneren: ~ als een bepaalde functie vervullen
Deel functioneren — standaardnederlands.nl