frondeel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- deel van het hoofdstel voor het hoofd en boven de ogen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| frondeeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| frondeeltjes | verkleinwoord, meervoud |
| frondelen | meervoud |
Herkomst
uit het Frans
Woordfamilie van frondeel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| frondeeltje | verkleinwoord | frondeel |
| frondeeltjes | verkleinwoord meervoud | frondeel |
| frondelen | meervoud | frondeel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van frondeel zijn vastgelegd.