desem
zelfstandig naamwoord, werkwoord 'desəmBetekenis
- een zuurdeeg op basis van wilde gisten en bacteriën
Hoe spreek je desem uit?
/ˈdesəm/
Desem bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| e | veel |
| s | sok |
| ə | de |
| m | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| desems | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van desemen
- gebiedende wijs van desemen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van desemen
Vervoeging van desem
desemhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘zuurdeeg’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1401
Woordfamilie van desem
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| desems | meervoud | desem |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van desem zijn vastgelegd.