dashboardkastje
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een afsluitbaar vak binnen handbereik van de passagier in een auto
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dashboardkastjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
alleen verkleinwoord; samenstelling van dashboard en kastje
Woordfamilie van dashboardkastje
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dashboardkastjes | verkleinwoord meervoud | dashboardkastje |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dashboardkastje zijn vastgelegd.