dahlia
zelfstandig naamwoord 'dalijaBetekenis
- een plantengeslacht uit de composietenfamilie, dat een tiental soorten omvat die wild voorkomen in Mexico als cultivar zijn er duizenden variëteiten
Hoe spreek je dahlia uit?
/ˈdalija/
Dahlia bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| a | maan |
| l | land |
| i | riet |
| j | ja |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dahlia's | meervoud |
| dahliaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dahliaatjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
eponiem: in modern Latijn afgeleid van de naam van de Zweedse botanicus A. Dahl met het achtervoegsel -ia , in de betekenis van ‘sierplant’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1846
Woordfamilie van dahlia
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dahlia's | meervoud | dahlia |
| dahliaatje | verkleinwoord | dahlia |
| dahliaatjes | verkleinwoord meervoud | dahlia |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dahlia zijn vastgelegd.