couveuse
zelfstandig naamwoord kuˈvøzəBetekenis
- een medisch apparaat waarin zieke of te vroeg geboren baby's in een gecontroleerde omgeving geobserveerd en verpleegd kunnen worden
Hoe spreek je couveuse uit?
/kuˈvøzə/
Couveuse bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| u | boek |
| v | vis |
| ø | deur |
| z | zon |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| couveuses | meervoud |
| couveusetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| couveusetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘broedmachine’ voor het eerst aangetroffen in 1865
Woordfamilie van couveuse
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| couveuses | meervoud | couveuse |
| couveusetje | verkleinwoord | couveuse |
| couveusetjes | verkleinwoord meervoud | couveuse |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van couveuse zijn vastgelegd.