chat
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- online 'praatje' via het internet, waarbij men met elkaar communiceert (meestal met het toetsenbord)
- tapuit
- babbel (ongedwongen gesprek)
- babbelen, kletsen, praten
- kat
- kater
- online 'praatje' via het internet
- een geschreven gesprek tussen twee of meer gebruikers via het internet
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| chats | meervoud |
Woordvorm
- enkelvoud tegenwoordige tijd van chatten
- gebiedende wijs van chatten
Vervoeging van chat
chathele werkwoord
Woordfamilie van chat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| chats | meervoud | chat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van chat zijn vastgelegd.