centenbak
zelfstandig naamwoord ˈsɛntə(n)bɑkBetekenis
- bakje waarmee men muntgeld kan inzamelen, met name gebruikt door straatmuzikanten
- een onderkaak die naar voren staat t.o.v. de bovenkaak
Hoe spreek je centenbak uit?
/ˈsɛntənbɑk/
Centenbak bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| ɛ | bed |
| n | nek |
| t | tak |
| ə | de |
| b | bak |
| ɑ | bad |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| centenbakje | verkleinwoord, enkelvoud |
| centenbakjes | verkleinwoord, meervoud |
| centenbakken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van cent zn en bak zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van centenbak
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| centenbakje | verkleinwoord | centenbak |
| centenbakjes | verkleinwoord meervoud | centenbak |
| centenbakken | meervoud | centenbak |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van centenbak zijn vastgelegd.