brandput
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een put waarin een aansluiting zit op een waterleidingnetwerk om te gebruiken bij brand
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| brandputje | verkleinwoord, enkelvoud |
| brandputjes | verkleinwoord, meervoud |
| brandputten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van brand en put
Woordfamilie van brandput
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| brandputje | verkleinwoord | brandput |
| brandputjes | verkleinwoord meervoud | brandput |
| brandputten | meervoud | brandput |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van brandput zijn vastgelegd.