bonus-malussysteem
zelfstandig naamwoord ˌbonʏsˈmalʏsiˌstemBetekenis
- systeem van schadeverzekering waarbij de hoogte van de premie afhankelijk is van het al of niet schadevrij blijven van de verzekerde
Hoe spreek je bonus-malussysteem uit?
/ˌbonʏsˈmalʏsiˌstem/
Bonus-malussysteem bestaat uit zes lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| o | boot |
| n | nek |
| ʏ | put |
| s | sok |
| m | maan |
| a | maan |
| l | land |
| i | riet |
| t | tak |
| e | veel |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bonus-malussysteempje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bonus-malussysteempjes | verkleinwoord, meervoud |
| bonus-malussystemen | meervoud |
Herkomst
samenstellende samenstelling van bonus zn, malus zn en systeem zn , geschreven met een koppelteken volgens spellingregel 6.D
Woordfamilie van bonus-malussysteem
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bonus-malussysteempje | verkleinwoord | bonus-malussysteem |
| bonus-malussysteempjes | verkleinwoord meervoud | bonus-malussysteem |
| bonus-malussystemen | meervoud | bonus-malussysteem |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bonus-malussysteem zijn vastgelegd.