binnenkant
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de zijde die in een bepaalde afgeschermde ruimte gelegen is
- het geestelijke leven van een persoon
zelfstandig naamwoord — masculine
- de zijde die tussen twee zaken in ligt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| binnenkanten | meervoud |
| binnenkantje | verkleinwoord, enkelvoud |
| binnenkantjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van binnen en kant
Woordfamilie van binnenkant
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| binnenkanten | meervoud | binnenkant |
| binnenkantje | verkleinwoord | binnenkant |
| binnenkantjes | verkleinwoord meervoud | binnenkant |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van binnenkant zijn vastgelegd.