betoveren
werkwoordBetekenis
- onder de invloed van een magische handeling brengen
werkwoord
- in hoge mate fascineren, sterk de aandacht trekken van, veel (positieve) indruk maken op figuratively, transitive
Vervoeging van betoveren
betoverenhele werkwoord — betoverdeverleden tijd enkelvoud — betoverdenverleden tijd meervoud — betoverdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | betover | betoverde |
| jij | betovert | betoverde |
| hij, zij, het | betovert | betoverde |
| wij | betoveren | betoverden |
| jullie | betoveren | betoverden |
| zij | betoveren | betoverden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| betover | gebiedende wijs |
| betoverd | verleden tijd, deelwoord |
| betoverd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| betoverd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| betoverd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| betoverd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| betoverd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| betoverd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| betoverd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| betoverd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| betoverd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| betoverd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| betoverde | verleden tijd |
| betovere | aanvoegende wijs |
| betoverend | onvoltooid, deelwoord |
| er is betoverd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was betoverd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd betoverd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt betoverd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal betoverd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal betoverd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou betoverd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou betoverd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had betoverd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had betoverd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had betoverd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden betoverd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden betoverd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden betoverd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt betoverd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben betoverd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te betoveren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben betoverd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen betoveren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart betoverd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren betoverd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren betoverd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren betoverd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was betoverd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was betoverd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was betoverd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd betoverd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd betoverd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd betoverd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden betoverd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden betoverd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden betoverd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt betoverd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word betoverd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden betoverd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden betoverd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden betoverd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt betoverd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt betoverd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal betoverd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal betoverd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal betoverd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal betoverd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal betoverd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt betoverd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou betoverd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou betoverd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou betoverd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou betoverd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou betoverd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou betoverd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden betoverd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden betoverd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden betoverd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden betoverd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden betoverd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden betoverd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt betoverd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt betoverd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen betoverd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen betoverd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen betoverd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen betoverd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen betoverd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen betoverd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen betoveren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult betoverd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult betoverd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult betoverd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult betoveren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Afgeleid van toveren met het voorvoegsel be-
Woordfamilie van betoveren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| betover | gebiedende wijs | betoveren |
| betoverden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | betoveren |
| betovere | aanvoegende wijs | betoveren |
| betovert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | betoveren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van betoveren zijn vastgelegd.