benchmark
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- (o.a. ) testprocedure of meting van productprestaties
zelfstandig naamwoord — neuter
- testprocedure of meting van productprestaties
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| benchmarks | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van benchmarken
- gebiedende wijs van benchmarken
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van benchmarken
Vervoeging van benchmark
benchmarkhele werkwoord
Herkomst
Van Engels benchmark
Woordfamilie van benchmark
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| benchmarks | meervoud | benchmark |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van benchmark zijn vastgelegd.