bastaard
zelfstandig naamwoord ˈbɑstartBetekenis
- de tegenwoordig niet meer gangbare aanduiding voor een kind dat niet geboren is uit een wettig huwelijk
- een dier dat niet zuiver van één ras of soort is
Hoe spreek je bastaard uit?
/ˈbɑstart/
Bastaard bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| t | tak |
| a | maan |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- een plant die door kruising is ontstaan
- vervelend, minderwaardig persoon figuratively
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bastaarden, bastaards | meervoud |
| bastaardje | verkleinwoord, enkelvoud |
| bastaardjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘onwettig kind, rasloos dier’ voor het eerst aangetroffen in 1273
Woordfamilie van bastaard
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bastaarden | meervoud | bastaard |
| bastaardje | verkleinwoord | bastaard |
| bastaardjes | verkleinwoord meervoud | bastaard |
| bastaards | meervoud | bastaard |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bastaard zijn vastgelegd.