autorijles
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een les waarin iemand wordt aangeleerd om een autovoertuig te besturen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| autorijlesje | verkleinwoord, enkelvoud |
| autorijlesjes | verkleinwoord, meervoud |
| autorijlessen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van auto zn en rijles zn
Woordfamilie van autorijles
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| autorijlesje | verkleinwoord | autorijles |
| autorijlesjes | verkleinwoord meervoud | autorijles |
| autorijlessen | meervoud | autorijles |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van autorijles zijn vastgelegd.