Naar de inhoud

auditorium

gehoor, de gezamenlijke toehoorders

auditorium

zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. gehoor, de gezamenlijke toehoorders
  2. gehoorzaal
  3. zala
  4. pùblika
  5. hlediště
  6. sál

Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
auditoria meervoud
auditoriumpje verkleinwoord, enkelvoud
auditoriumpjes verkleinwoord, meervoud
auditoriums meervoud

Herkomst

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘gehoorzaal’ voor het eerst aangetroffen in 1634

Woordfamilie van auditorium

Woordvorm Relatie Afgeleid van
auditoria meervoud auditorium
auditoriumpje verkleinwoord auditorium
auditoriumpjes verkleinwoord meervoud auditorium
auditoriums meervoud auditorium

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van auditorium zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over auditorium

Wat betekent auditorium?
Auditorium is een zelfstandig naamwoord. Het woord betekent: gehoor, de gezamenlijke toehoorders. Deze pagina beschrijft 6 betekenissen op deze pagina.
Hoe verbuig je auditorium?
Bij auditorium geldt: het meervoud is auditoria. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.
Hoe verklein je auditorium?
Het verkleinwoord van auditorium is auditoriumpje, dus een het-woord. In het meervoud wordt dat auditoriumpjes.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord auditorium is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. U 4
  3. D 2
  4. I 1
  5. T 2
  6. O 1
  7. R 2
  8. I 1
  9. U 4
  10. M 3
  11. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

auditorium levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. U 2
  3. D 2
  4. I 2
  5. T 2
  6. O 1
  7. R 2
  8. I 2
  9. U 2
  10. M 3
  11. 19 zonder bonus
  12. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

auditorium in het kort

auditorium staat in dit woordenboek als zelfstandig naamwoord. Hierboven staan 6 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van auditorium zijn 4 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort auditorium bij een woordfamilie van 4 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

auditorium: gehoor, de gezamenlijke toehoorders
Deel auditorium — standaardnederlands.nl