antennedraad
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een elektrisch geleidende draad, met weinig rek en een hoog geleidingsvermogen voor hoogfrequente wisselstroom, die als stralend en/of ontvangend element van draadantennes wordt toegepast
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| antennedraadje | verkleinwoord, enkelvoud |
| antennedraadjes | verkleinwoord, meervoud |
| antennedraden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van antenne en draad
Woordfamilie van antennedraad
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| antennedraadje | verkleinwoord | antennedraad |
| antennedraadjes | verkleinwoord meervoud | antennedraad |
| antennedraden | meervoud | antennedraad |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van antennedraad zijn vastgelegd.