ambtenaar
zelfstandig naamwoord ˈɑmtənarBetekenis
- een mannelijk persoon die aangesteld is in een door de overheid beheerde dienst
Hoe spreek je ambtenaar uit?
/ˈɑmtənar/
Ambtenaar bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| m | maan |
| t | tak |
| ə | de |
| n | nek |
| a | maan |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand die aangesteld is in een door de overheid beheerde dienst
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ambtenaars | meervoud |
| ambtenaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| ambtenaartjes | verkleinwoord, meervoud |
| ambtenaren | meervoud |
Herkomst
afgeleid van ambt met het achtervoegsel -enaar
Woordfamilie van ambtenaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ambtenaars | meervoud | ambtenaar |
| ambtenaartje | verkleinwoord | ambtenaar |
| ambtenaartjes | verkleinwoord meervoud | ambtenaar |
| ambtenaren | meervoud | ambtenaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ambtenaar zijn vastgelegd.