afvaart
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈɑfartBetekenis
- wegvaren van de wal van een vaartuig
Hoe spreek je afvaart uit?
/ˈɑfart/
Afvaart bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| f | fiets |
| a | maan |
| r | rood |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| afvaarten | meervoud |
| afvaartje | verkleinwoord, enkelvoud |
| afvaartjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afvaren
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afvaren
Vervoeging van afvaart
afvaarthele werkwoord
Herkomst
samenstelling van af en vaart
Woordfamilie van afvaart
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| afvaarten | meervoud | afvaart |
| afvaartje | verkleinwoord | afvaart |
| afvaartjes | verkleinwoord meervoud | afvaart |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van afvaart zijn vastgelegd.