adjudant-chef
zelfstandig naamwoord ˌɑtjydɑntˈʃɛfBetekenis
- onderofficier in het Belgische leger met een fucntie die overeenkomt met die van adjudant-onderofficier in het Nederlandse leger
Hoe spreek je adjudant-chef uit?
/ˌɑtjydɑntˈʃɛf/
Adjudant-chef bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de vierde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| t | tak |
| j | ja |
| y | fuut |
| d | dak |
| n | nek |
| ʃ | sjaal |
| ɛ | bed |
| f | fiets |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- onderofficier in het Belgische leger met een functie die overeenkomt met die van adjudant-onderofficier in het Nederlandse leger
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| adjudant-chefs | meervoud |
Herkomst
samenstelling van adjudant zn en chef zn
Woordfamilie van adjudant-chef
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| adjudant-chefs | meervoud | adjudant-chef |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van adjudant-chef zijn vastgelegd.