zwartrok
zelfstandig naamwoordBetekenis
- priesters en paters uit de rooms-katholieke kerk
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zwartrokken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zwart bn en rok zn
Woordfamilie van zwartrok
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zwartrokken | meervoud | zwartrok |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zwartrok zijn vastgelegd.