zwaardkast
zelfstandig naamwoordBetekenis
- kast in het midden van een zeilschip met of een opening bovenin waardoor het zwaard gestoken kan worden of afgeslotenkast met er in het zwaard dat met een hulpmiddel (zwaardtalie) gestoken kan worden
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zwaardkasten | meervoud |
| zwaardkastje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zwaardkastjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zwaard en kast
Woordfamilie van zwaardkast
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zwaardkasten | meervoud | zwaardkast |
| zwaardkastje | verkleinwoord | zwaardkast |
| zwaardkastjes | verkleinwoord meervoud | zwaardkast |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zwaardkast zijn vastgelegd.