zondagsheiliging
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het handhaven van de zondagsrust (om religieuze redenen)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zondagsheiligingen | meervoud |
| zondagsheiligingetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zondagsheiligingetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zondag zn en heiliging zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van zondagsheiliging
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zondagsheiligingen | meervoud | zondagsheiliging |
| zondagsheiligingetje | verkleinwoord | zondagsheiliging |
| zondagsheiligingetjes | verkleinwoord meervoud | zondagsheiliging |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zondagsheiliging zijn vastgelegd.