zilverberk
zelfstandig naamwoordBetekenis
- berk met een zilvergrijze bast
zelfstandig naamwoord — masculine
- Betula pendula berk met een zilvergrijze bast
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zilverberken | meervoud |
| zilverberkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zilverberkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zilver zn en berk zn
Woordfamilie van zilverberk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zilverberken | meervoud | zilverberk |
| zilverberkje | verkleinwoord | zilverberk |
| zilverberkjes | verkleinwoord meervoud | zilverberk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zilverberk zijn vastgelegd.