ziekenhuisverpleging
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de gegeven verpleging in een ziekenhuis
- het geheel aan verplegers in een ziekenhuis
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ziekenhuisverplegingen | meervoud |
| ziekenhuisverpleginkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| ziekenhuisverpleginkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van ziekenhuis zn en verpleging zn
Woordfamilie van ziekenhuisverpleging
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ziekenhuisverplegingen | meervoud | ziekenhuisverpleging |
| ziekenhuisverpleginkje | verkleinwoord | ziekenhuisverpleging |
| ziekenhuisverpleginkjes | verkleinwoord meervoud | ziekenhuisverpleging |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ziekenhuisverpleging zijn vastgelegd.