zetelroof
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het behoud van de eigen zetel in een parlement na het verlaten van de fractie
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zetelroofje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zetelroofjes | verkleinwoord, meervoud |
| zetelroven | meervoud |
Herkomst
samenstelling van zetel zn en roof zn
Woordfamilie van zetelroof
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zetelroofje | verkleinwoord | zetelroof |
| zetelroofjes | verkleinwoord meervoud | zetelroof |
| zetelroven | meervoud | zetelroof |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zetelroof zijn vastgelegd.