zesenzestig
hoofdtelwoord, zelfstandig naamwoord ˈzɛsənˌsɛstəxBetekenis
- '66', het getal tussen vijfenzestig en zevenenzestig, zestig plus zes
- dat wat in een (rang)ordening met 66 is aangeduid
- groep van 66 eenheden
Hoe spreek je zesenzestig uit?
/ˈzɛsənˌsɛstəx/
Zesenzestig bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| z | zon |
| ɛ | bed |
| s | sok |
| ə | de |
| n | nek |
| t | tak |
| x | acht |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
hoofdtelwoord
- "66", het getal tussen vijfenzestig en zevenenzestig, zestig plus zes
Verbuiging en vervoeging (hoofdtelwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| 1000010 | |
| 42 | |
| 66 | |
| LXVI |
Herkomst
samenstelling van zes ht en zestig ht met het invoegsel -en-
Woordfamilie van zesenzestig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zesenzestigje | woordvorm | zesenzestig |
| zesenzestigjes | meervoud | zesenzestig |
| zesenzestigs | meervoud | zesenzestig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zesenzestig zijn vastgelegd.