zendtijduitbreiding
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een vergroting van de hoeveelheid toebedeelde zendtijd
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zendtijduitbreidingen | meervoud |
| zendtijduitbreidinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zendtijduitbreidinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zendtijd zn en uitbreiding zn
Woordfamilie van zendtijduitbreiding
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zendtijduitbreidingen | meervoud | zendtijduitbreiding |
| zendtijduitbreidinkje | verkleinwoord | zendtijduitbreiding |
| zendtijduitbreidinkjes | verkleinwoord meervoud | zendtijduitbreiding |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zendtijduitbreiding zijn vastgelegd.