zelfvervreemding
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het zichzelf beleven als een vreemd wezen dat niet meer lijkt op het wezenlijke ik
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zelfvervreemdingen | meervoud |
| zelfvervreemdinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| zelfvervreemdinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van zelf zn en vervreemding zn
Woordfamilie van zelfvervreemding
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zelfvervreemdingen | meervoud | zelfvervreemding |
| zelfvervreemdinkje | verkleinwoord | zelfvervreemding |
| zelfvervreemdinkjes | verkleinwoord meervoud | zelfvervreemding |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zelfvervreemding zijn vastgelegd.